Hoe het begon

Bondsbestuurder Freerk Lautenbach stond aan de wieg van het Frysk Senioren Orkest. In het verslag van de bestuursvergadering van 9 oktober 1981 staat vermeld: ‘De voorzitter vraagt of er interesse bestaat voor een bejaardenkorps.’ Het is maar goed dat de muzikanten van het 35-jarig orkest dat verslag op dat moment niet hebben gelezen… Lautenbach nuanceert als voorzitter van de christelijke bond de vraag op 17 februari 1982: ‘Hoe denken wij over de vorming van een seniorenorkest van 60 jaar en ouder?’ Na een peiling onder de aangesloten verenigingen is de eerste respons 25 belangstellenden  Op 15 september 1982 is de eerste repetitie in de bovenzaal van de Pelikaankerk in Leeuwarden. Twaalf leden en de dirigent tekenen voor de eerste muzikale oefeningen. Bugels, cornetten en trompetten blijven in aantal eerst achter, wat gezien de leeftijd van de eerste senioren logisch en verklaarbaar is. Andele Zwager is de eerste voorzitter en Lieuwe Wondaal  wordt de eerste penningmester, terwijl Sint de Jong de secretaris wordt. Ze worden niet door de leden gekozen, maar gevraagd door Lautenbach. 
De christelijke bond stelt zich het eerste jaar garant voor zaalhuur en honorarium dirigent. Na een artikel in de Leeuwarder Courant stijgt het ledental op de tweede repetitie naar 35 en een maand later zijn het er al 56. In november 1982 wordt een ledenstop afgekondigd voor alle instrumenten, behalve klein koper. Enkele klarinetblazers worden met pijn in het hart afgewezen, omdat men qua bezetting een echte fanfare wil zijn. Nu is het orkest van zo’n 80 leden niet meer weg te denken uit de amateuristische muziekwereld.
Het eerste concert vindt plaats in Easterein. Het nieuwjaarsconcert op 4 januari 1983 wordt een doorslaand succes. Recensent Teade Wouda van de Leeuwarder Courant kopt: ‘Nog dynamiek bij Friese Senioren.’ De eerste anekdote volgt twee maanden later tijdens het afsluitende concert van de christelijke bond. Iemand uit het publiek vraagt: ‘Wat sille dy âld strûken no?‘ Maar na de laatste klanken van de ‘Flotte Bursche’ wordt De Harmonie bijna afgebroken. Omdat het publiek blijft applaudisseren wordt als toegift nog de mars ‘Black Diamond’ gespeeld. De mars ‘Alte Kameraden’ van Carl Teike staat als eerste op de lessenaar en die mars zal uitgroeien tot de herkenningsmelodie van het FSO onder dirigent  Gerrit Heeringa. op 23 september sluit het orkest zich aan bij de Christelijke bond, maar er wordt bedongen dat het vrijgesteld is van contributie. Er zijn concerten in Easterein, Leeuwarden, Akkrum, Blije en Kollum en voor het eerst doet zich een probleem voor als blijkt dat het orkest te groot is voor sommige podia. Ook is de repetitieruimte , de bovenzaal van de Pelikaankerk, te klein voor meer dan 60 leden. Repeteren in de kerk is te duur en de ruimte lijkt ook te groot. Volgens een aantekening van de secretaris wordt het orkest overstelpt met aanvragen van journalisten om een reportage te maken. Eerst wordt de boot afgehouden, maar vanwege de PR wordt het uiteindelijk toegestaan, want op 23 november is er een radio-opname voor Radio Fryslân met foto’s, krantenverslag en de opnames zijn te beluisteren in Muzyk  Maskelyn.